Geschiedenis

Beknopte geschiedenis van de Afdeling Noord-Holland. (Opgesteld in het voorjaar van 2011)


Toen in 1907 de oprichting van de KNPV had plaats gevonden, had dit vanzelfsprekend tot gevolg, dat de mensen, die verspreid over het land met hondensport bezig waren zich tot de  KNPV voelden aangetrokken en het duurde daarna ook niet zo lang, dat deze sportmensen zich in Provinciale Afdelingen, als onderdeel van de KNPV, gingen organiseren. In Noord-Holland waren het de heren A.Bas Backer en P.Lokerse, die het initiatief namen om in november 1909 belangstellenden in Hotel Brinkman
In Haarlem uit te nodigen. De 24 daar aanwezige personen kwamen daar tot het besluit tot het oprichten van de Afdeling Noord-Holland. Zonder de andere bestuursleden te kort te doen, mag zeker achteraf worden vastgesteld, dat deze heer Lokerse veel van zijn tijd aan het Afdelingsbestuur heeft besteed. Hij trad in 1939 af en had dus 30 jaar zitting in dit Afdelingsbestuur gehad.
De eerste ledenvergadering werd gehouden op 5 april 1910 in het Parkhotel in Hoorn. De eerste keuring werd op 18 juni 1910 in Hoorn gehouden.5 combinaties kwamen daar aan de start, waarvan aan 4 een Certificaat kon worden toegekdn. Er kwamen daar 5 geleiders aan de start, die door een talrijk publiek werden gade geslagen. Aan het eind van de keuringsdag meldden zich maar liefst 58 nieuwe leden aan., .

In 1934 werd op initiatief van de Keurmeesters een commissie benoemd om examen-eisen vast te stellen, waaraan iemand moest voldoen om keurmeester te worden. In 1934 haalde Dhr.Draayer uit Zandvoort het max. aantal punten op een kering. Omdat een deelnemer uit Noord-Brabant hetzelfde aantal pnt. behaalde, kwam, na loting, dhr.Draayer in het bezit van de door Z.K.H. Prins Hendrik beschikbaar gestelde medaile, hetgeen vooral in die tijd ongetwijfeld een gebeurtenis van belang is geweest. Het 25 jarig bestaan van onze Afdeling werd op 11 mei 1935 op grootse wijze in het Willibrordus huis in Amsterdam gevierd.
Uiteraard hebben de oorlogsjaren hun stempel op de sport en dus ook onze Afdeling gedrukt.In het begin viel dat nog wel mee, maar vanzelfsprekend  zijn de latere afgekondigde maatregelen van grote nadelige  invloed geweest. Het was moeilijk om ook aan eten voor de hond te komen en verduisteringsmaatregelen, spertijden en ook het verbod om een hond aan de lijn naast de fiets te mogen hebben eisten ook hun tol in de sport. Ongetwijfeld is de daling van het aantal leden van 430 vóór de oorlog tot ongeveer 300 in de oorlogsjaren daar ook een gevolg van geweest. In de jaren na de oorlog konden, langzaam maar zeker, ook de verenigingsactiviteiten weer worden opgenomen. Er werden diverse nieuwe clubs opgericht, waardoor het aantal leden ook weer gestaag toenam. 
In de jaarverslagen van 1947, 1948 en 1949 worden zelfs ledenaantallen van 565, 712 en 600 genoemd. Het enthousiasme van deze naoorlogse jaren hield echter geen stand. Alle goede bedoelingen ten spijt bleek het voor de diverse nieuwe clubs niet eenvoudig om een goede verenigingsstructuur te behouden en ook de sport op verantwoorde manier te beoefenen. Het aantal clubs daalde van 31 naar 23  en daarmee gepaard gaande ook het aantal leden. In 1956 waren er 381 mensen lid van onze Afdeling.
Of deze daling er de oorzaak van was, dat het afdelingsbestuur in 1955 een beroep op de erkende clubs moest doen om per club een bijdrage van Fl. 10,-- als ondersteuning aan de Afdelingskas te doneren, is niet na te gaan, maar alle clubs hebben aan dit verzoek voldaan. Gelukkig mag deze bijdrage echt als een unicum in onze Afdelingsgeschiedenis worden gezien en die constatering stemt zeker tot voldoening.
Ten tijde van het opstellen van dit overzicht in 2011 beweegt het aantal leden zich al een aantal jaren  rond de 340 en het aantal clubs rond de 20.
Aan het eind van de zestiger jaren maakte onze Afdeling een roerige tijd door.In 1968 trad het voltallige afdelingsbestuur af en omdat de verwikkelingen niet intern konden worden opgelost, werd door het HB een bestuurscommissie gevormd, waarin 2 leden het HB en 3 leden van de Afdeling vertegenwoordigd waren. Deze commissie heeft enige tijd de bestuurstaken overgenomen. Op 7 december 1970 werd op een ledenvergadering in Amsterdam weer een nieuw bestuur gevormd.
In 1991 werd de Afdeling Flevoland aan onze Afdeling toegevoegd. Om 2 redenen een welkome aanvulling. Allereerst kwam een aantal serieuze sportmensen onze Afdeling versterken, maar met tevredenheid mag worden vastgesteld, dat de architecten in Flevoland bij hun plannen in principe met de mogelijkheid rekening blijken houden om terreinen voor het beoefenen van hondensport te bestemmen. Inmiddels zijn er, zowel in Almere als in Lelystad  2 erkende clubs actief. Helaas is dat niet het geval met enkele van onze clubs, waar stadsuitbreiding en wegenaanleg momenteel nog een duidelijke bedreiging van het voortbestaan vormen.

Het aantal keurmeesters in onze Afdeling bedraagt momenteel 8  en het aantal helpers  is eveneens 8. Elk jaar bieden wij als afdeling aan kandidaten de mogelijkheid om op te gaan voor een afdelingshelper examen. Als men daarvoor slaagt hoeft het tegenwoordig niet zo’n lange weg meer te zijn om bij het Hoofdbestuur op te gaan voor het examen Algemeen helper.
Om te kunnen worden aangesteld als keurmeester werden er al in 1934 in onze Afdeling exameneisen vastgesteld, maar het was in het begin van de tachtiger jaren, dat enkele bestuursleden, die ook keurmeester waren, een uitgebreide cursus op hebben gezet, die gegeven werd aan kandidaten, die voor de erkenning van Afdelingskeurmeester wilden opgaan. Ook de afsluitende examens werden door het Afdelingsbestuur afgenomen. Met voldoening mag ook nu nog worden vastgesteld, dat de aan deze cursus gegeven tijd, niet vergeefs werd besteed omdat het slagingspercentage van de kandidaten hoog was en een zeer solide ondergrond is geweest voor de latere examens voor het HB. Inmiddels heeft het HB de gehele opleiding voor keurmeester op zich genomen.

Dit overzicht zou niet compleet zijn zonder vermelding van de wedstrijden, die  in principe jaarlijks door het Afdelingsbestuur worden gehouden. Dat zijn de wedstrijd om het Afdelingskampioensschap, waaraan sinds enkele jaren ook kan worden deelgenomen door geleiders met een ongecertificeerde hond, de Selectiewedstrijd, waarvan de winnaar wordt afgevaardigd naar de Nationale Kampioensschapswedstrijd, en de Koperbergwedstrijd.
De laatste naam vergt enige toelichting. Het was in 1928, dat de heer Koperberg een beker ter beschikking van onze Afdeling stelde. Het werd een clubkoppel wedstrijd, waardoor de competitie tussen de clubs onderling tot uiting kon worden gebracht. Toen de beker in 1928 definitief in het bezit van de Vereniging “De Waker”kwam, bleek de heer Koperberg in 1934 bereid om weer een nieuwe beker ter beschikking te stellen, die voortaan alleen maar als wisselbeker bij de wedstrijd kon worden ingezet. .In de loop der jaren zijn de voorwaarden om aan deze wedstrijd deel te kunnen nemen ook enigszins aangepast. Momenteel ( 2012) is het ook mogelijk om met een nog niet gecertificeerde hond in te schrijven en is het ook mogelijk om individueel namens een club te mogen meedoen. Het max. aantal inschrijvers per club is 3, waarbij dan bij de inschrijving al aan de voorzitter keuringscommissie dient te worden opgegeven, welk paar geleiders namens de club als koppel aan de wedstrijd gaat deelnemen. In principe wordt deze wedstrijd jaarlijks gehouden, maar het gebeurt wel eens, dat hij moet worden afgelast omdat er zich te weinig deelnemers voor hebben opgegeven. Iedere keer wordt de naam van de club, die de wedstrijd heeft gewonnen, op de beker gegraveerd, waardoor hij een zeer interessant overzicht laat zien van de geschiedenis van onze Afdeling sinds 1934. Terecht is men er bij onze Afdeling trots op een beker met zo veel historie in bezit te hebben.

Om dit overzicht te besluiten vermelden wij hier gaarne nog de namen van een aantal wedstrijden uit het min of meer nabije verleden, waaraan een competitie element verbonden was: Horninge wisselbeker, Noordkop wisselbeker, Kennemerland beker, Amsterdamsche beker, Zeeburg beker, Drie Provinciën wedstrijd ( tussen de Afdelingen Noord-Holland, Zuid-Holland en Utrecht).Ook de Kring Noord-Holland Centraal en de Competitie Noord_Holland  dienen hierbij zeker te worden genoemd.
Een bijzondere prestatie leverde  Jan Kok van onze Afdeling in 1983. Hij haalde toen het max. aantal punten op de Zomerkeuring hetgeen “sinds mensenheugenis”in de geschiedenis van de KNPV niet meer was voorgekomen.. Naast de erkende clubs is in onze Afdeling ook de Kring Amsterdam en Omstreken actief, waarbij het overgrote deel van de erkende clubs is aangesloten en waarmee de onderlinge competitie tussen de erkende clubs ook gaande wordt gehouden.
Onze Afdeling vierde op  20 september 2009 haar 100 jarig bestaan met een wedstrijd op het terrein van “De Vriendschap”in Almere. Er was voor deze viering een bedrag uitgetrokken om er in ieder geval een feestelijke aangelegenheid van te maken. Hierdoor, maar zeker ook dank zij de belangeloze medewerking van zeer velen, kan onze Afdeling met tevredenheid op deze jubileumdag terugzien. Het was een belangrijke mijlpaal in onze geschiedenis en omdat wij kunnen veststellen, dat er door zeer velen, verspreid over de Afdeling, met volle inzet naar wordt gestreefd wordt om onze sport optimaal te beoefenen is dat meteen ook een goede gedachte om de verdere toekomst van onze Afdeling met vertrouwen tegemoet te zien.


 R.P.Kouwenhoven,
 Secretaris afd.Noord-Holland.  1991-2013

 Bestuurs lid van 1986 - 2013